Psychomotorische therapie toegelicht

Praktijk dUrv – psychomotorische therapie biedt kinderen, jongeren en volwassenen mogelijkheden om via het bewegen en lijfelijke ervaringen moeilijkheden te overwinnen.

Psychomotorische therapie: een moeilijk woord voor iets wat niet zo moeilijk zou moeten zijn om het te begrijpen. We maken er langer of korter al gebruik van, alleen nog niet in deze vorm. Hoe dan?

Psychomotorische therapie werkt vooral vanuit het bewegen én is ervaringsgericht. Wat wil dat nu weer zeggen? Door iets te doen hebben we eerder en meer in de gaten wat er gebeurt met onszelf en vaak anderen, daarmee doen we dan ervaring op en dat kan weer van pas komen bij het volgende, of wat er op volgt. We willen allemaal dat het – een gunstig – effect heeft om verder te komen.

Juist in dat bewegen kan je ontdekken en ervaren waar je eigen of jullie gezamenlijke krachten en mogelijkheden liggen. In de stappen naar verandering kan er geëxperimenteerd worden met nieuwe en andere manieren van omgaan met moeilijkheden. Dat is waar je naar zoekt, dat het kan veranderen, want als je dit al kent of doet dan hoefde je hier niet te zijn en was je vast met andere dingen bezig dan informatie over Pmt te bekijken.

Psychomotorische therapie gebeurt in een bewegingsruimte. De bewegingsvormen welke de psychomotorisch therapeut veel gebruikt zal je herkennen uit de sport of gym. Ook minder bekende vormen worden gebruikt, waarbij het lijfelijk ervaren en waarnemen meer aandacht krijgen.

Vaak kom je in je eentje, zeker als je er zelf voor kiest. Vaker kom je met 2 of nog meer, zelfs met het hele gezin.

Maakt een gezin gebruik van deze vorm van therapie (psychomotorische gezinstherapie), dan zullen de werkvormen zich meer richten op samenwerken en samenspelen. Hierin komen gezinsthema’s aan bod, zoals bv. het oefenen met positie van de ouders, het – opnieuw – met elkaar plezier beleven en samen spelen om ontspanning te ervaren. Ook het oefenen met grenzen gebeurt vaker.